Vandaag beleeft Europa moeilijke tijden. Honderdduizenden ballingen staan voor de poorten of verblijven er al.  Toegegeven, deze mensen worden of zullen op de een of andere manier worden opgevangen. Maar de Europese staten zijn niet echt voorbereid.  Europa is niet voorbereid. Noch materieel om te delen, noch mentaal om ermee om te gaan... 

Na de zomervakantie nodigt Josefa ons opnieuw uit om na te denken over wat ons verbindt met onze menselijke migratie, over de fundamentele migratie-achtergrond van de mensheid. Dat is geen conceptuele kwestie, en het gaat ook niet om een of andere supercategorie van « migranten ». Neen, het is heel eenvoudig - en tegelijk heel redicaal - een uitnodiging om « mijn migratie » eens van naderbij te bekijken, met een open blik.

Door nauwer in contact te komen met mijn eigen migratie, haar te erkennen als deel van mezelf,of ze nu gedwongen of vrij is, tijdelijk of spiritueel, fysiek of psychisch, in de tijd of in de ruimte … word ikzelf ook een deel van dit « allemaal migrant »-verhaal.

Waarom mensen uitsluiten, discirimineren, categoriseren alsof zij meer « migrant » zouden zijn en ik niet?

Waarom het recht op mobiliteit en vrij verkeer opeisen voor mezelf en, in een genereuze bui, ook wel voor een ander (tenminste wanneer die ander het wenst en daartoe een aanvraag heeft ingediend), terwijl het om een fundamenteel menselijk recht gaat waardoor mensen zich kunnen verplaatsen en een nieuwe toekomst opbouwen? Tot wat zou ik herleid worden als ik enkel pas in een vakje dat door anderen bepaald is enmij opgedrongen wordt:ouders, vrienden, maatschappij, sociale organisaties, verdedigers van « minderheden », politiek, media, vijanden, …?

Allemaal migrant… het gaat ons allen aan, het is onze bestemming. Het is het fundament van ons mens-zijn. Als ik niet in beweging ben of niet meer kan bewegen, als ik mijn capaciteit tot migreren, mijn « migrant zijn » ontken of als mij dat ontzegd wordt, dan betekent dat vroeg of laat mijn dood en die van anderen.

Natuurlijk mag je niet iedereen over één kam scheren: we zijn niet allemaal gedwongen, uitgedreven of vluchtende migranten die ons land van oorsprong of onze al dan niet zelf gekozen woonplek achter ons gelaten hebben.

Maar we kunnen wel ingaan op de uitnodiging omonszelf in de spiegel te bekijken, om in onszelf de migrant te ontdekken als wezenlijke schakel van onze mensheid, als uitdrukking van ons mens-zijn, van ons gezamenlijk menselijk avontuur.

Uitdaging of realiteit: we zijn « allemaal migrant ».

 

 

Op deze vraag kun je niet antwoorden in plaats van een ander of een ander in plaats van jou. Toch is dat precies de uitdaging waar Josefa al jaren mee bezig is.

Niet denken in plaats van een ander. Het lijkt wel een onmogelijke «politieke» uitdaging. Maar tegelijk is ze niet zo onmogelijk, tenminste wanneer iedereen zich de vraag « Ik, migrant? » eigen maakt, vertrekkend vanuit het « ik » alvorens te kijken naar de ander. De « migranten », de « vluchtelingen », de « asielzoekers », de …, de … En ik ? Waar sta ik? Ben ik ook migrant? Wat betekenen deze identiteiten, deze etiketten, deze categorieën?

Eigenlijk is de vraag doodsimpel: « Maak ook ik geen deel uit van de migratie die iedere mens doormaakt? Bekijk je het zo, dan is migrant zijn geen attribuut meer, geen recht meer. Het is veel meer. Dan is « migrant zijn » verbonden met mijn mens-zijn. Dan maakt « migrant-zijn » wezenlijk deel uit van mijn « mens-zijn ».

Natuurlijk mag je niet alles door elkaar halen met het risico onnodige verwarring te stichten. Er zijn nu eenmaal vormen van migratie (geografisch, in de tijd, intellectueel, spiritueel, …) die onder dwang plaatsgevonden hebben of althans dat lijkt zo. Andere migratiegolven zijn eerder uit vrije wil gebeurd. Maar in de meeste gevallen gaat migratie altijd gepaard met kwetsbaarheid.

Hoe dan ook, voor Josefa is het zaak om niet bij de pakken te blijven zitten en de trein van de geschiedenis en de migratie zomaar te laten voorbijgaan, maar om er – of migratie nu gedwongen of een vrije keuze is – bewust heel betrokken of gewoon heel menselijk mee om te gaan.

Ik, migrant? Aan u, aan ons, aan iedereen om zich deze vraag te durven stellen.

 

Nu het academisch jaar opnieuw van start gaat, lanceert Josefa een uitnodiging, een vraag waarmee heel wat studenten dit jaar zullen geconfronteerd worden : « Wie ben ik? ».

Deze uitnodiging aanvaarden, deze vraag laten binnensijpelen, betekent ook aanvaarden om naar de ander te kijken om zo zichzelf te ontdekken.

Op deze ontdekkingstocht naar zichzelf, naar de ander, is het misschien een idee om te luisteren naar de stem van iemand die mijn vraag nog scherper kan stellen : de uitwijkeling, de migrant, de ontheemde die zichzelf heeft achter gelaten, ergens.

De uitwijkeling, de asielzoeker, de vluchteling, …, deze reisgezel op het pad van de mensheid, kan iemand zijn wiens woord, stilte, gebaren, blik, aanwezigheid mij de kans bieden om eens dieper in te gaan op die fameuze vraag « Wie ben ik? ».

Is het immers niet vooral bij scheiding, rouw, uitwijzing dat mijn zekerheden vervagen, dat vragen en twijfel over mijn eigen identiteit de kop opsteken? Wie ben ik dan nog?

Wat gebeurt er wanneer we luisteren naar hen die tijdens hun migratie hun identiteit hebben moeten verbergen, begraven, transformeren of aanpassen om uiteindelijk asiel te vinden, op weg naar een toekomst die er helemaal anders zal uitzien, anders geprogrammeerd is, opgebouwd, eventueel met een paar jaar hoger onderwijs?

Deze nabijheid, dit luisteren naar de ander op zijn of haar migrantenpad, kan bij mij de gedachte doen rijzen dat ikzelf « in beweging » ben, dat ikzelf … « migrant » ben…

Maar de inzet ligt elders. Het gaat niet om te zoeken naar de zin van het leven, maar naar de zin van « mijn leven ». Het gaat er zelfs niet om een antwoord te vinden op die vraag. Het gaat erom dat ik me open stel, een stukje meeloop met al die levenspaden die ik kruis, goede en minder goede, voor sommigen zelfs op risico van hun eigen leven.  

Wie ben ik dan? Niet iemand die op zoek is naar een antwoord voor mezelf. Neen, veeleer iemand die leeft, op weg is en zich open stelt voor ontmoetingen en kruisende levenspaden die mij uitnodigen om drempels of grenzen, al dan niet uit vrije keuze, te doorbreken, te verleggen.

Samen met anderen, met de anderen, ben ikzelf … migrant.

 

Wie zijn wij? Wie zijn zij? Op zoek naar onderdak, een schuilplaats, een toevluchtsoord. Mensen die wegtrekken uit hun land. Om allerlei redenen. Uit vrije keuze of gedwongen. Eén keer of meer. Te vaak soms. Reizigers, bannelingen, gedeporteerden, asielzoekers, staatlozen, ontheemden, vluchtelingen…

Mensen die hun land verlaten hebben. Mensen onderweg die politieke, sociale, economische, culturele, etnische, religieuze … of andere grenzen achter zich gelaten hebben. Die mensen noemen wij vandaag “migrant”. Een generiek begrip dat verwijst naar hun transnationale, multiculturele identiteit. Deze identiteit staat vandaag middenin de spotlichten van de actualiteit.

Maar deze “migrant” biedt ook een unieke kans om een brug te slaan tussen zij die hun land verlaten hebben en iedereen voor wie dat (nog) niet zo is.

Want samenleven met of gastvrijheid bieden aan migranten is tegelijk een oproep aan hen die niet onderweg zijn. Om te ontdekken dat zij, doorheen hun persoonlijke geschiedenis, in wezen ook migranten zijn. Om hen eraan te herinneren dat het leven hen uitnodigt om de grenzen te doorbreken die de mens optrekt om zijn territorium af te bakenen en te beschermen. Om de muren te slopen waarachter de mens zich schuil houdt. Om de barrières en omheiningen omver te werpen die mensen van elkaar scheiden. Het leven is er om geleefd te worden in openheid, in onderlinge uitwisseling, in verbinding. Of het nu uit vrije keuze is of gedwongen.

Over de wederzijdse uitwisseling heen, is de ontmoeting tussen ons, migranten, de voedingsbodem voor een vernieuwde cultuur op het kruispunt van verschillende wegen. Een cultuur die rekening houdt met de waarden en vrijheden van zowel de één als de ander, binnen een complex spanningsveld. Enerzijds wordt nieuwe inwijkelingen opgedrongen om de cultuur van het gastland volledig te assimileren en de hunne achter zich te laten. Anderzijds zijn er meer en meer behoudsgezinde krachten die halsstarrig vasthouden aan een “zuivere” cultuur door elke vreemde invloed te weren. Daarom deze oproep om integratie en het samen-onderweg-zijn te bevorderen. Een oproep die een beroep doet op het stukje menselijk, uniek, persoonlijk of universeel migrant-zijn in ieder van ons.

De Internationale Dag van de Vluchteling of Wereldvluchtelingendag op 20 juni 2016 nodigt ons uit om onze gemeenschappelijke geschiedenis als vrije of gedwongen “migranten” in herinnering te brengen. Want, “de mens slaat op de vlucht voor de mens”. Wij zijn allen migranten. Laten we dat niet vergeten!